Je hebt een lengte, een breedte en een hoogte en daarin ergens is dan de plaats waar je bent. Zo was dat vroeger, maar dat concept van plaats is afgedaan, of tenminste gemuteerd. 'Wie ben je?' vroeg men zich voorheen, 'Waar ben je?' is een belangrijkere vraag geworden.
Tijdens een spannende film vergeet je soms de bioscoopstoel waar je in zit. Je zit dan in de film. Als mijn telefoon gaat, blijf ik fysiek op dezelfde locatie, maar sociaal verplaats ik me met de snelheid van het licht naar mijn gesprekspartner. Steeds meer tijd brengen we door achter een beeldscherm, waar ons lichaam is gereduceerd tot een muispijltje. Tegelijkertijd wordt de fysieke ruimte in toenemende mate gepenetreerd door beltonen, pinautomaten en reclameborden. Steeds vaker ga je op reis om uit te komen op een plek die je eigenlijk al kent. Zoals met die vakantie naar dat Caribische strand, waar ik twee weken heb gezeten met het gevoel dat ik in een Bounty reclame zat. Alle fastfood restaurants zien er hetzelfde uit, ook al zijn ze op verschillende fysieke locaties. Herkenbaarheid is een van de meest succesvolle producten van onze tijd [Fri2002]. Centra van grote steden zijn met hun Nike Towns, McDonalds en Starbucks vestigingen steeds meer op elkaar gaan lijken. Ze zijn inwisselbaar. Hetzelfde geldt voor vliegvelden, buitenwijken en zelfs natuurgebieden.
Nieuwe media muteren ons besef van tijd en ruimte. Wie zijn dagelijkse boodschappen bij Albert Heijn afrekent met behulp van een pinpasje, verricht niet alleen een handeling in het filiaal van deze grootgrutter, maar handelt eveneens in de postgeografische ruimte van cyberspace. Filosoof Jos de Mul meent dat de mens te kort schiet om de complexiteit van cyberspace te vatten. "Met cyberspace heeft de mens een nieuw vierdimensionale ruimte en tijd ontsloten waartoe hij slechts op indirecte wijze toegang heeft en waarvan hij zich zelfs nauwelijks een voorstelling kan maken." [Mul2002]. We willen steeds meer ervaren in steeds minder tijd. Dat klinkt modern en vooruitstrevend, maar meer ervaren in minder tijd, kan eigenlijk niet omdat 'de ervaring' onderdeel is van onze menselijk fysiek. De gemiddelde reistijd is al eeuwen lang gelijk gebleven. We reizen gemiddeld niet langer dan vijf kwartier per dag (Breverwet van behoud van reistijd en verplaatsing [Pri2001]). Meer snelwegen, zorgen er voornamelijk voor dat we verder van ons werk gaan wonen. Het is algemeen bekend dat blinde mensen vaak een beter gehoor hebben dan mensen zonder visuele handicap. Evenzo geldt: Naarmate we ons meer in de cyberspace bewegen, stompt de fysieke ruimte af.
'Waar ben ik?' Dat is misschien een te moeilijke vraag, laten we eenvoudig beginnen: Wanneer ben ik ergens aanwezig? Virtual reality onderzoekers definiëren het begrip aanwezigheid als: "De perceptuele illusie van niet-gemedieerdheid." Je bent aanwezig, als je de illusie hebt dat er zich geen medium tussen jou en je onderwerp/omgeving bevindt [Lom1997]. Soms ga ik een uurtje fietsen met mijn beste vriendin die 600 kilometer verderop woont. Samen fietsen we ieder door ons eigen landschap terwijl we elkaar via een oordopje en een mobiele telefoon verslag doen van onze omgeving. Een fantasievol samenzijn: Alsof we de realiteit verdubbelen.
Adem in. Adem uit. Maar wanneer ben je ooit ergens volledig aanwezig? We zijn altijd gespleten, onderweg of we wensen ons dat we er zijn. "Elsewhere runs in our blood", zeggen de Engelsen. Onlangs las ik een interview met de filosofe Katja Schuurman [Mei2002], waarin ze een definitie van geluk gaf, namelijk: "Niet ergens anders willen zijn, dan waar je op dat moment bent." Schijnbaar moeiteloos surfen we door verschillende realiteitslagen, maar onderzoek maakt duidelijk dat mensen zich het gelukkigst voelen als ze ergens 'volledig in opgaan' [Csi1990]. Inderdaad, een smsje van je geliefde kan het toppunt van geluk zijn. Reload. Refresh.
Hendrik-Jan was hier.
Hendrik-Jan Grievink () (URL) - Zondag 18 September '05 - 12:20
de vraag wie ben je is reeds beantwoord als de vraag waar ben je is
gesteld. men is al geidentificeerd voor de beller opneemt of iemand de
deur openmaakt. de vraag wie ben je wordt nauwelijks nog gehoord omdat
men elkaar niet meer ontmoet, hetzij op dating sites.
Geert Lovink [c] - Zondag 18 September '05 - 15:58
Onzin
Er zijn genoeg voorbeelden te noemen waarop het wel degelijk de vraag is wie je bent. Denk aan de tienermeisjes die op verschillende chatsites tegelijk een bejaarde, geil sletje en een onschuldig kind kunnen zijn. Hoe meer het fysieke zijn transformeert naar een virtueel zijn hoe minder het fysieke zijn vanzelfsprekend is. De rol die we virtueel aannemen is namelijk wie we (willen) zijn.
De nerd is een gespierde reus in een first person shooter.
Hierdoor is het juist relevanter om te vragen wie we zijn.
Huh? Maar wie ben ik dan?
Rolf Coppens () (URL) - Maandag 19 September '05 - 10:19
Misschien kunnen we binnenkort verwachten dat we na ‘wie ben je?’ en ‘waar ben je’ steeds vaker ‘wie wil je zijn?’ gaan horen.
Ook (of juist) waar het aankomt op beeld- en meningsvorming in het virtuele publieke domein, kunnen we natuurlijk gemakklijk verschillende identiteiten aannemen.
In verwarrende tijden een uitkomst! Maandag neoliberaal, dinsdag sociaaldemocraat, woensdag technocraat und so weiter…
Met vriendelijke groet,
Rolf Coppens
Hendrik-Jan Grievink () (URL) - Woensdag 02 November '05 - 12:55
wellicht in dit stadium alleen een verwijzing naar “Sferen” , van Peter Sloterdijk. (pag.540)
“Overal waar mensen existeren verwijst hun plek al van meet af aan naar andere plekken en posities. Door elk hier-binnen schijnt een binnen dat elders gold. Elke wand vervangt een wand, elk interieur doelt op een ander interieur , elk verlaten van een binnenpositie roept een ander verlaten op.”
Ook elders in deze uitgave gaat hij hierop in.
martin pot () (URL) - Dinsdag 06 December '05 - 13:52
Met de verdere technologische ontsluiting van de virtuele ruimte – de perfectionering van het geluid en van het holografisch beeld en de toevoeging van tactiele ervaringen en geur – zal de multimediale toerist van de toekomst zonder uit zijn stoel op te hoeven staan de meest exotische plaatsen in ruimte én tijd kunnen ervaren op een wijze die authentieker en realistischer zal zijn dan de ‘echte’ realiteit!
jos zegt - Zaterdag 27 Mei '06 - 09:42
Misschien is de stelling ‘Media muteren ons besef van tijd en ruimte’ te zwak en moet het zijn ‘Media vormen ons besef van tijd en ruimte’.
Koert (URL) - Donderdag 25 Mei '06 - 16:03
Here is always somewhere else
bas - Dinsdag 15 Augustus '06 - 17:42
Het vergroten van de mogelijkheden tot verplaatsing zal de kwaliteit van de ervaring niet verbeteren.
Ontmoetingen, verplaatsingen en ruimtes worden minder fysiek (zie ”..stompt de fysieke ruimte af”). De menselijke geest wordt daarmee een nog hogere status toegeschreven dan al het geval was. De illusie dat we daarmee onze eigen ruimte/tijd ervaring kunnen beheersen geeft het idee dat virtuele werelden garant staan voor een beter leven dan een leven in de fysieke wereld. Beter, authentieker, realistischer, altijd onderweg dus.. Maar als het zo is dat we ons willen verliezen, volledig ergens in op willen gaan, waarom dan die (be)heerszucht (denk ook aan het vormgeven van alternatieve identiteiten)?
De wetenschap dat er altijd een andere ruimte wacht op betreding is toch vermoeiend én verrijkend genoeg om je huidige locus te koesteren?
Desi Hermans () - Maandag 25 Februari '08 - 17:11